N-VA moderniseert federale overheid grondig

Door Brecht Vermeulen op 27 juli 2017

Tijdens haar onderhandelingen op Hertoginnedal, heeft de Ministerraad beslist om de Federale Overheid volwaardiger in te schakelen in wat gebruikelijk is in de 21ste eeuw.

In het Zomerakkoord werden zopas door de Ministerraad ook over Ambtenarenzaken een aantal belangrijke maatregelen genomen. In de eerste plaats wordt uitzendarbeid voortaan ook mogelijk bij de federale overheid in een aantal concrete gevallen. Dit zal kunnen voor de vervanging van een statutair of contractueel personeelslid, in het kader van een tijdelijke werkvermeerdering of voor uitzonderlijk werk. “Dergelijke zaken die vanzelfsprekend zijn in de private sector, waren tot nu toe onmogelijk bij de overheid. Behalve afscherming van macht bij bepaalde personen en organisaties, was daar geen zinnige reden voor te vinden. Behalve Griekenland, een land dat voor N-VA niet echt een gidsland is als het over gebruik van overheidsmiddelen gaat, was België het enige land waar uitzendarbeid bij de overheid niet mogelijk was. Als uitzendarbeid een bijzonder geschikt instrument is om tijdelijke problemen op te lossen, dan moeten die problemen toch niet blijven laten bestaan ?”, aldus volksvertegenwoordiger Brecht Vermeulen (N-VA).

Daarnaast is er de beslissing genomen om van contractuele arbeid de norm te maken binnen de federale overheid. Deze beslissing ligt in lijn met het Federale Regeerakkoord, dat een evaluatie en rationalisatie van de contractuele tewerkstelling voorzag. Met deze beslissing wenst de Regering van de overheid een flexibelere en efficiëntere werkgever én dienstverlener te maken. Belangrijk is wel dat het hier enkel gaat om de nieuwe aanwervingen. De genomen engagementen naar huidige werknemers blijven uiteraard behouden. Daarnaast is er ook een uitzondering voorzien voor gezagsfuncties, zoals de magistratuur, politie en defensie alsook management- en staffuncties.

De noodzaak van deze beslissing wordt duidelijk als we de verhouding contractuele vs statutairen afzetten ten opzichte van de Vlaamse lokale besturen. Bij de Federale overheid werken momenteel 66.885 personen. Maar liefst 80% van deze personen zijn statutairen, 20% zijn contractueel tewerkgesteld. Bij de lokale overheden zien we dan weer dat de verhouding heel anders zijn. Hier is er een evenwicht tussen beide groepen. De Vlaamse steden en gemeenten hebben enkele jaren geleden reeds het pad van de de statutaire tewerkstelling verlaten, en van de contractuele tewerkstelling de norm gemaakt. “De reacties van de vakbonden toen was vergelijkbaar met deze de we nu horen. Toch bleek als snel dat dit helemaal niet strijdig was met de wetgeving. De steden en gemeenten zijn door hun hogere Vlaamse overheid dan ook niet teruggefloten. De Federale Overheid volgt nu de goede praktijk die in Vlaanderen al ingeburgerd is". stelt Vermeulen

Waarom is deze beslissing nu zo belangrijk? Dit wordt duidelijk als we de verschillen tussen beide statuten opsommen. Eerst en vooral is er de werkzekerheid. Een statutaire ambtenaar kan maar ontslagen worden onder een beperkt aantal voorwaarden, zoals afzetting of ontslag om tuchtredenen. Daarnaast is de verloning hoger. Uit een artikel van de webstek vacature blijkt dat een statutaire ambtenaar voor hetzelfde werk ongeveer 250€ netto meer ontvangt. Daarenboven is ook het pensioen hoger. Dit verschil bedraagt ongeveer 700€ bruto per maand. Tot slot heeft de statutaire ambtenaar meer promotiekansen en een betere ziekteregeling.

Brecht Vermeulen concludeert: “De verschillen tussen beide statuten zorgen voor een te grote discriminatie tussen contractuele en statutaire ambtenaren. Het KB Camu, dat dit statuut regelt, heeft in 1937 de optie genomen dat in beginsel elke ambtenaar rechtstreeks of onrechtstreeks betrokken was bij de uitoefening van het openbaar gezag. Vanuit die optiek achtte men het aangewezen dat in beginsel elke ambtenaar met een statuut zou worden aangesteld. Dit lijkt vandaag echter een achterhaalde redenering. Ik citeer dan ook graag het Steunpunt Bestuurlijke Vernieuwing van de UAntwerpen, dat in een studie van maart 2017 stelde: “Deze beschermingsreflex paste dus in het typische tijdskader van 1937. Op dit ogenblik is de overheid echter veel meer een actor geworden die niet meer boven, maar tussen de partijen staat. We zijn intussen zovele decennia later geëvolueerd van een nachtwakersstaat naar een sociale verzorgingsstaat waarbij de overheid een heel andere rol speelt dan tevoren. Men kan zich dus afvragen of deze argumentatie vandaag nog steeds opgaat" (p.13) Minister Vandeput volgt nu deze redenering, en slaat een nieuwe weg in met de Federale Ambtenaren”

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is